Nieuwe verruiming voor wat betreft het aantal aanwezigen bij vieringen.

De bisschoppen verruimen de richtlijnen voor kerkgebouwen die meer dan 300 reguliere zitplaatsen hebben. In deze kerken mag met ingang van 5 juni maximaal vijftien procent van het totale aantal zitplaatsen bezet zijn. In kerkgebouwen met minder dan 300 zitplaatsen wordt het aantal gelovigen dat bij een viering aanwezig kan zijn nu 50.

Dit betekent dat de volgende aantallen kerkgangers volgens de bisschoppen zijn toegestaan ( 15 % van aantal zitplaatsen)

JDD                60

WIO               87

LMG              50

DGH              82

JOZ                73

WIW              90

Voor alle kerkgebouwen geldt dat de genoemde maximum aantallen kerkgangers alleen kunnen worden toegelaten als de gelovigen onderling anderhalve meter afstand kunnen houden. Ook de andere basisregels uit het protocol zoals bijvoorbeeld de regels over vooraf reserveren, communie uitreiken, hygiëne en het dragen van mondkapjes blijven onverkort gelden.

De richtlijnen met betrekking tot zingen wijzigen op 5 juni a.s. nog niet, met uitzondering van zingen door kinderen tot en met 12 jaar. Volgens deskundigen is zingen door koren pas weer verantwoord vanaf het risiconiveau ‘waakzaam’ dan wel als er minder dan 1200 nieuwe besmettingen per dag zijn. Op dit moment bevindt Nederland zich nog niet op dat risiconiveau. Dit betekent dat voorlopig de richtlijn gehandhaafd blijft dat één cantor of maximaal 4 zangers kunnen zingen. Voor kinderen t/m 12 jaar kan een uitzondering gemaakt worden.

De bisschoppen hopen eind juni meer duidelijkheid te kunnen geven over de vraag wanneer koren weer verantwoord kunnen gaan repeteren en zingen tijdens vieringen. De bisschoppen houden ook overigens in de komende weken een vinger aan de pols waar het gaat om mogelijkheden tot versoepeling van de coronamaatregelen.