Pasen.. ondanks alles?

Ik ben mijn voorwoord aan het schrijven voor ‘De Augustinus’. Ik had eigenlijk een heel ander voorwoord geschreven. Ik schreef dat de leerlingen te horen kregen: “Wat zoekt ge de levende bij de doden? Hij is niet hier. Hij is verrezen.” Zij vertelden het door aan iedereen die het horen wilde. En de kerk zegt het vandaag nog steeds die eerste leerlingen na: de gekruisigde, gestorven en begraven, gevallen als zaad in de grond, is tot bloei gekomen en opgestaan uit de dood. Het is een boodschap van diepe hoop, schreef ik.

Ondertussen is er een hoop gebeurd. Ik schrijf dit nu vlak voor de copy datum van 18 maart. Afgelopen weekeind was er vanwege het coronavirus, voor het eerst in ons leven geen kerk op zondagmorgen. Een heel ingrijpende ervaring. Ik heb geen idee hoe de stand van zaken zal zijn wanneer het parochieblad verschijnt. Ik lees nu al dat de liturgische vieringen van de paus in de Goede Week en met Pasen zullen plaatsvinden “zonder de fysieke aanwezigheid van de gelovigen.” Onvoorstelbaar.

Heeft alles wat er nu gebeurt een boodschap voor ons? We dachten als samenleving het allemaal goed voor elkaar te hebben. We hadden God en het geloof niet meer nodig, dachten velen. De realiteit is totaal anders. We blijken heel kwetsbare mensen te zijn. De boodschap is, denk ik, dat we echt niet zonder het paasgeloof kunnen. Samen met Jezus wil God ons laten opstaan uit de dood. Ziekte, dood en lijden hebben gelukkig niet het laatste woord. Iets om juist nu vast te houden. En laten we vooral voor elkaar blijven bidden!

Pastoor Rochus Franken